Zorg (ggd/abcg)
..... aflezen hoeveel tiende achterstand het kind de laatste maand heeft in- of opgelopen. Het volgen zou zo doel op zich in plaats van middel bij het geven van onderwijs zijn geworden. Het gaat niet meer om het kind, maar om allerlei tabellen die zo volledig mogelijk moeten worden ingevuld.

In eerste instantie is het dagelijks werk van de kinderen een bron van informatie over de ontwikkeling. Het gemaakte werk geeft aan of kinderen vooruitgang boeken. Daarom wordt het werk van de kinderen geregistreerd. Iedere groepsleerkracht heeft een overzicht waarin nauwkeurig wordt bijgehouden wat welk kind heeft gedaan. Taal, rekenen, lezen, aardrijks- kunde, geschiedenis, gymnastiek maar ook presen- taties, werkstukken, wereldoriëntatieverslagen, schrijven, het werken in hoeken, vrije teksten, klassen- diensten, toetstaken, weeksluitingen, enzovoort worden allemaal bijgehouden. Deze overzichten zijn op een school als de onze erg belangrijk. Immers niet ieder kind werkt op hetzelfde moment aan dezelfde stof. 

17-werkend-kind.jpgDeze overzichten op groepsniveau vormen, samen met de methode onafhankelijke toetsen, de basis voor de schriftelijke en mondeling rapportage aan ouders. Wij hebben wel een aantal vaste eikmomenten op school. Vanaf de onderbouw komen alle kinderen enkele malen per jaar een aantal toetsen tegen. Het zijn de Citotoetsen voor lezen, spelling, rekenen en wiskunde, begrijpend lezen en social emotionele vorming. Deze toetsen zijn methode-onafhankelijk. Dat wil zeggen dat ze niets te maken hebben met de methode waarmee de kinderen werken. Het zijn landelijk genormeerde toetsen. De gegevens worden drie keer per jaar verzameld en ze worden opgeslagen in het persoonlijke dossier van ieder kind. Zo is in grote lijnen de ontwikkeling op cognitief en sociaal emotioneel gebied vastgelegd. Voor alle kinderen die speciale zorg nodig hebben wordt een handelingsplan geschreven.